“Voor de meesten van ons is Kerst een tijd van feest, lekker eten, rust. Voor kinderen in de vervolgde kerk daarentegen is het een tijd van extra stress, negatieve aandacht voor christenen, nog meer discriminatie.” Geloven in Jezus heeft ingrijpende consequenties, zegt onderzoekster Helen Fisher.

Wat betekent vervolging voor een kind? Wat doet het met een jongere als hij om zijn geloof buiten de groep valt? Welke invloed heeft vijandschap tegen geloof op de ontwikkeling van een zoekende puber? Op dat soort vragen stortte Open Doors-onderzoekster Helen Fisher zich afgelopen jaar. Ze sprak met ouders, kinderen en kerkelijk leiders en bracht in september de resultaten in het rapport A Generation at Risk naar buiten.

“Je kunt”, vertelt ze, “de impact van geloofsvervolging bij kinderen in drie woorden samenvatten: isolerend, identiteitsvormend en meedogenloos. Vervolging brengt scheiding aan tussen kinderen en hun families, hun vrienden en gemeenschap. Een ander geloof dan de meerderheid kan een kind in een diep isolement brengen, omdat het vijandschap ervaart. Neem bijvoorbeeld de 12-jarige Layla uit Egypte; toen haar islamitische ouders christen werden, moest het gezin vluchten. Op haar nieuwe school was Layla de enige die geen hijaab droeg. Het leverde haar kritiek op van de leerkracht en haar klasgenoten moesten niets van haar weten. Vriendinnen had ze niet.”

Twijfel en harde woorden

Het isolement werkt door in de persoonlijke ontwikkeling, signaleert Fisher. “Layla begon zich af te vragen: ‘wie ben ik, waarom ben ik anders, waarom geloof ik niet als iedereen?’ Haar identiteit raakte in geding. Twijfel of je van waarde bent, of je er mag zijn en of er toekomst voor je is, kan een christelijk kind zo in een hoek drukken dat er nauwelijks meer hoop is op een uitweg.”

Geloofsvervolging is hard, het kan uitmonden in meedogenloosheid. “Kinderen zijn jong, afhankelijk en een flink deel van hun leven speelt zich af achter gesloten deuren. Dat maakt ze kwetsbaar voor harde woorden, geweld of andere acties.” Een kind te hulp schieten in de persoonlijke levenssfeer, lukt dan ook haast niet.

De mate waarin de toegang tot christelijke ouders wordt ontnomen, is “bijzonder alarmerend”, ontdekte Fisher. “Dat gebeurt op verschillende manieren, onder andere door kinderen van hun ouders te scheiden. In Iran bijvoorbeeld is het wettelijk verplicht een kind uit huis te halen als een ouder ervoor kiest Jezus te volgen. Soms wordt vader en/of moeder in de cel gezet. Het kind wordt ondergebracht bij familie, die meestal niet christelijk is; die neemt de godsdienstige opvoeding over. De kinderen zijn dan niet alleen gescheiden van hun ouders, maar missen ook een liefdevolle, christelijke opvoeding.”

Doelbewust beleid

De toegang tot ouders ontnemen is een zeer doeltreffende tactiek, meent Fisher. “Het berooft een kind van twee belangrijke dingen: een christelijke opvoeding en de ouder zelf. Want wat is een ouder voor het kind? Een bron van liefde, bevestiging, troost en zorg. Een kind scheiden van de ouders is diep traumatisch.”

Bovendien is het een opzettelijke strategie bij geloofsvervolging. Fisher: “Zo kan een land zich ontdoen van zijn christelijke bevolking. Niet alleen het christelijke getuigenis verdwijnt, ook opgroeien in een christelijke cultuur is er niet meer bij.”

Toch ziet de onderzoekster nog lichtpuntjes. Open Doors werkt samen met partners die programma’s uitvoeren voor ondersteuning en versterking van vervolgde gezinnen, bijvoorbeeld via een kinderkamp of verspreiding van christelijke lectuur. Daarnaast helpt Open Doors met kleine leningen om gezinnen bestaanszekerheid te verschaffen of zorgt voor huisvesting.

En bidden? “Dat hoort er altijd bij”, zegt Fisher. “We weten dat Jezus zegt dat Hij van de kinderen houdt. Dus Hij hoort hun gebeden, net als die van ons. Met Kerst bidden voor kinderen en jongeren in de vervolgde kerk is broodnodig. Gewoon, om hen aan te moedigen en om ze de warmte en aanwezigheid van Christus te laten ervaren. En bid dat God wegen voor ons opent om het antwoord te zijn op hun gebeden.”

Enkele bevindingen uit het rapport A Generation at Risk zijn:

  • Het beperken of wijzigen van leerwegen voor christelijke jongeren vermindert hun kansen zich te ontplooien.
  • Kinderen weghouden van hun christelijke ouders betekent dat zij niets meekrijgen van het christelijk gedachtegoed en berooft hen van hun belangrijkste bron van emotionele veiligheid.
  • Doelgerichte religieuze vervolging van jongeren beschadigt relaties tussen de verschillende generaties.
  • In bijna een kwart van de landen waar christenvervolging plaatsvindt, staan christelijke meisjes bloot aan seksueel misbruik of dwang, met schaamte en stigmatisering als gevolg.