Vijf vragen voor twee Indiase gelovigen

Vorig jaar maakten we kennis met Vinita* en Preetha*, twee Indiase vrouwen die Open Doors ondersteunde nadat ze waren aangevallen door hindoe-extremisten. Onlangs spraken lokale partners in India met beide vrouwen. Hoe gaat het nu met ze? We stelden een paar vragen…

1. Even terug naar vorig jaar: wat is deze vrouwen overkomen?

Vinita en haar zus Isha* werden op straat aangevallen door hun hindoeïstische dorpsgenoten. Toen bleek dat de politie hen daarna niet wilde helpen met hun aangifte, gingen ze naar huis. Daar kwamen Preetha en haar man (die voorganger is) naar hen toe om samen te bidden. Maar toen de aanvallers dat hoorden, vielen enkele mannen het huis binnen. Vinita’s baby werd uit haar handen getrokken en op de grond gegooid, maar raakte (wonder boven wonder) alleen licht gewond. Vinita, Isha en vooral Preetha waren er erger aan toe. Deze laatste kwam zelfs in het ziekenhuis terecht. Op dat moment ontmoetten de Indiase christenen lokale partners van Open Doors. Deze zorgden dat Preetha in een goed ziekenhuis terechtkwam en betaalden de rekeningen. Ook konden ze Vinita helpen bij het herstel van haar winkel toen die door extremistische hindoes overhoop was gehaald.

2. Hoe is het nu met de twee vrouwen?

Preetha: “Door de aanval was mijn arm op verschillende plaatsen gebroken. Ondanks de behandeling is mijn lichaam nog niet hersteld en heb ik nog steeds pijn. De dokters stelden nog een operatie voor, maar mijn gezin kan dat financieel niet langer dragen.
Na die laatste aanval verhuisden we twee keer. Elke keer als mensen over ons geloof hoorden, vertelden ze dat namelijk aan extremistische hindoes. Zij kwamen dan naar ons huis en stookten onrust in onze buurt. We wonen nu in een derde huis en houden ons gedeisd.”
Vinita kon niet verhuizen, vertelt ze. “Ik heb dit huis zelf met veel moeite gekocht, daarom besloot ik te blijven. En op de een of andere manier krijg ik steeds opnieuw moed om hier te blijven.”

3. Ervaren jullie nog steeds vervolging?

Vinita: “Ik ervaar nog dagelijks psychisch geweld in de vorm van beledigingen en sarcastische opmerkingen van mijn buren. De mensen die me die dag aanvielen wonen dichtbij en ik zie ze regelmatig naar mijn gezin wijzen terwijl ze ons belachelijk maken. Ook proberen ze ruzies met ons uit te lokken om de kleinste dingen. Ik praat niet openlijk over de Here Jezus nu, omdat mijn gezin constant in de gaten wordt gehouden.”
Preetha: “Ja, zoals gezegd is het voor ons niet heel veilig om open te zijn over ons geloof. Als we met andere christenen in ons huis samenkomen, doen we dat met kleine groepjes en heel stilletjes. We weten dat, zodra een extremistische groep over ons hoort, ze ons zullen beschuldigen van het bekeren van andere mensen met behulp van geld. Ze zullen ons dan dwingen ons huis te verlaten.”

4. Wat betekent dat dan voor jullie geloof?

“Ik sta sterk in mijn geloof”, getuigt Preetha. “Ik begin elke dag om 05.00 uur met een uur van gebed. Ik bid de hele dag door, trouwens. Ik kan niet lezen, maar ik kan wel luisteren naar het Woord van God. Mijn man leest me dagelijks voor uit de Bijbel en legt uit wat er staat. Vandaag lazen we uit Hebreeën 12:7: ‘Houd vol, het betreft hier immers een leerschool, God behandelt u als Zijn kinderen. Welk kind wordt niet door zijn vader berispt?’”
Vinita’s geloof is sterker geworden door de aanval een jaar geleden: “Ik sta elke dag vroeg op om te bidden en Bijbel te lezen. Ik neem de tijd om over Gods Woord te mediteren. Mijn relatie met de Here God is sterker geworden!”

5. Hebben jullie gebedspunten voor ons?

“Ik ben de Here God dankbaar dat Hij me heeft genezen van de zware verwondingen die ik overhield aan de aanval. Daar zijn geen uitgebreide behandelingen aan te pas gekomen, maar er werd wél heel veel gebeden!”, zegt Vinita. Verder vraagt ze om gebed voor zichzelf en haar zus, Isha: “Bid alstublieft dat ik verder mag groeien als christen. Bid ook voor mijn zus, zij kan bij haar man thuis haar christelijk geloof niet thuis openlijk uitleven. Wilt u ook bidden dat ik mijn winkel naar een locatie kan verhuizen waar ik meer klanten kan krijgen? De winkel bevindt zich nu vlak bij mijn huis, maar wordt constant in de gaten gehouden door mijn vijandige buren.”
Preetha vraagt om ons gebed voor de gezondheid van haar en haar man. “Mijn man heeft enkele maanden geleden een hartaanval gehad, maar omdat de ziekenhuiskosten erg hoog zijn, kunnen we geen behandelingen betalen. Bid alstublieft voor onze gezondheid.”

* Schuilnaam