Mali - 13 februari 2013

Hoop voor gevluchte christenen Mali

Mali – Mohammed-Ibrahim Yattara ontvluchtte bijna een jaar geleden de stad Timboektoe in het noorden van Mali. Met hem vluchtten duizenden Malinezen naar de hoofdstad Bamako en naar buurlanden Niger, Burkina Faso en Mauritanië. Er is opluchting nu een aantal grote steden in het noorden van Mali is heroverd door ingrijpen van Franse troepen. Maar er zijn ook zorgen over de enorme taak die wacht van wederopbouw en verzoening in het noorden.

Bijna een jaar geleden riepen touaregstammen in het noorden van Mali een onafhankelijke, fundamentalistisch-islamitische staat uit. Het belijden van een ander geloof dan de islam werd ten strengste verboden. Kerkgebouwen werden ontheiligd en met de grond gelijk gemaakt. De positie van christenen in het noorden van Mali werd vergelijkbaar aan die in Saoedi-Arabië, nummer 2 op de Ranglijst Christenvervolging van Open Doors. Mali staat op de zevende plaats van de Ranglijst Christenvervolging.

De steeds verder naar het zuiden oprukkende moslimfundamentalisten baarden Yattara grote zorgen en brachten pijnlijke herinneringen boven aan het moment waarop hij zelf moest vluchten. “Mali was in rep en roer toen bleek dat moslimfundamentalisten er in slaagden steeds verder naar het zuiden te trekken. Onze gedachten gingen terug naar de verschrikkelijke plunderingen en vernielingen van huizen en andere gebouwen”, vertelt Yattara. Yattara is leider van een kerk en hoofd van een bijbelschool in Timboektoe. “Deze herinneringen verdwenen direct naar de achtergrond toen we hoorden hoe het Franse leger ingreep.”

Hoewel Frankrijk er in slaagde een aantal steden te heroveren op de strijdende touaregstammen staat Mali nog voor een zware taak. Negen maanden van bezetting hebben veel schade aangericht in het noorden van Mali, zowel fysiek als geestelijk. Een groot aantal publieke gebouwen, waaronder scholen, ziekenhuizen, monumenten, hotels en restaurants zijn verwoest.

Gerelateerde nieuwsberichten