Myanmar (Birma) - 03 juni 2015

Christelijke minderheden Birma dubbel in de problemen

Al jarenlang staan de Birmese overheid en de acht etnische minderheden lijnrecht tegenover elkaar. Ondanks een staakt het vuren lijkt er geen eind te komen aan het geweld. Birmese christenen die behoren tot een minderheid hebben dubbel te lijden onder het geweld.

In gebieden die bewoond worden door de Karen, Kachin en Chin zijn zowel christelijke rebellen als de christelijke bevolking doelwit van het Birmese leger. Christelijke uitingen worden gezien als vorm van opstand, omdat ze ingaan tegen de Boeddhistische norm.

Minderheidsgroepen als de Karen, Kachin en de Chin worden veelal niet volledig erkend door de Birmese overheid. Afgelopen maart tekende de overheid een voorlopig staakt het vuren met de etnische minderheden. De onderhandelingen over een definitief staakt het vuren lopen nog. De aanvallen van het Birmese leger op de minderheden gaan echter door. “Ik zag mensen uit het dorp vluchten terwijl het Birmese leger in het dorp kwam. De soldaten doodden mensen, dieren, wat ze ook maar zagen. Ze namen wat ze wilden en brandden het dorp plat”, verklaart een hulpverlener.

Minderheidsgroeperingen sloegen massaal op de vlucht. Onder hen zijn honderdduizenden christenen. Zij leven nu in vluchtelingenkampen. Zoals het Ei Htu Hta kamp in de jungle van de staat Karen. De mensen die hier wonen zijn uit hun dorpen gevlucht toen het Birmese leger aanviel. Zij leven er in huisjes gemaakt van hout en bladeren.

Het is koud in de vluchtelingenkampen en er zijn geen medicijnen. “Mensen sterven en zijn hopeloos.  Ze weten niet wat de toekomst hen brengt. Dat maakt me verdrietig”, stelt dezelfde hulpverlener. Toch is het vluchtelingenkamp voor sommigen ook een opluchting. Zo vertelt een oude Karen-man: “Het leven hier is beter. In mijn dorp was er altijd angst dat het geweld van het Birmese zou opdoemen, en we van de ene naar de andere plaats moesten vluchten om aanvallen te voorkomen.”

Etnische rebellengroepen staan open voor een staakt het vuren. “Ik heb altijd hoop op vredesonderhandelingen. Elke keer dat je kunt praten, is dat een goed teken. Ik bemoedig en bid voor alle partijen. Ook als gevechten uitbreken, blijf praten”.

De Birmese overheid onderdrukt al jaren de Karen, Kachin, Chin en de andere minderheidsgroepen in het land. Een christelijke zendingsorganisatie noemt Birma. Het land staat op plaats 25 van de Ranglijst Christenvervolging 2015.

Gerelateerde nieuwsberichten