Het verhaal van Noeh (12)

Christenen in Irak en Syrië bevinden zich tussen hoop en wanhoop. Voor veel christenen is de situatie nog even hopeloos als drie jaar geleden. Het enige waar ze aan kunnen denken is asiel aanvragen in een westers land, met vrijheid van godsdienst. Maar voor de 12-jarige Noeh uit Karamles ligt de toekomst juist in Irak.

Het huis van Noeh is van binnen helemaal verbrand. Het is deprimerend om te zien hoe Noeh door zijn huis loopt; alles is verkoold. De tegels op de grond zijn losgeraakt door de hitte van het vuur.
“Mijn kamer is boven”, zegt Noeh, en hij loopt een zwartgeblakerde trap op. Ineens verschijnt er een glimlach op zijn gezicht. “Dit zijn mijn knikkers!” Hij gaat direct op zoek naar meer exemplaren uit zijn verzameling. Met handen die onder het roet zitten, legt hij uiteindelijk tientallen knikkers bij elkaar. Ze zijn het enige bezit van hem dat over is.

Hoewel zijn situatie hopeloos lijkt, is Noeh juist heel blij dat hij weer terug naar zijn huis kan . “In oktober kwamen we erachter dat IS ons huis had afgebrand voordat ze op de vlucht sloegen. Toen ik het voor het eerst zag, was ik heel verdrietig, maar ik weet heel zeker dat ik hier wil blijven. Dit is mijn huis en mijn land!”