Pastor Edward over gehalveerde Syrische kerk: moe, maar springlevend

Edward Awabdeh is pastor van een kerk in Damascus, Syrië. Tijdens zijn korte bezoek aan Nederland, spreken we hem over hoe de kerk in Syrië eraan toe is. “Gebed blijft hard nodig.”

Edward en Ranaa op de Open Doors-dag 2013 Edward en Ranaa op de Open Doors-dag 2013
 

Hoeveel kerkleden bent u door de oorlog kwijtgeraakt?
“Zo’n 60 tot 70 procent van mijn kerk heeft het land verlaten. Wonderlijk genoeg, zit de kerk wel vol. Door de oorlog is er een enorme doorloop. In het afgelopen jaar zijn alle functies ingevuld door steeds weer nieuwe mensen, die vervolgens weer vertrekken.”

Wat moedigt u aan om nog pastor te blijven van uw kerk?
“Onze kerk is actiever dan ooit. We doen nu meer voor de gemeenschap om de kerk heen. Vorige maand hebben we een gebouw aangekocht voor de bediening aan doven, omdat er behoefte was aan meer ruimte. Doven worden in ons land niet goed geholpen, ze gaan door moeilijke tijden heen. In ons nieuwe dovencentrum willen we hen aangepast onderwijs aanbieden; niet alleen aan kinderen, ook aan hun ouders. We kunnen het nieuwe centrum zes dagen per week openhouden, waardoor we niet meer tientallen, maar honderden mensen kunnen helpen.”

Is de situatie sinds het begin van de oorlog veranderd?
“In Damascus helpen we drieduizend gezinnen aan voedsel. Dat werk wordt door veertig medewerkers gedaan in een distributiecentrum. Verder helpen we scholieren die onderwijs missen door de oorlog. We hopen ervoor te kunnen zorgen dat ze hun school kunnen afmaken. We doen dit al vanaf het begin van de oorlog, maar in plaats van dat de situatie beter wordt, neemt de hulpvraag juist toe. Dat komt door de onstabiele situatie. Elke keer dat we denken dat Damascus een veilige stad is, gebeurt er weer iets waardoor het onveilig blijkt. Kortgeleden zat mijn vrouw nog in een kelder van vrienden omdat er bommen vielen op onze wijk; Islamitische Staat was op anderhalve kilometer afstand van ons. Dat waren angstige tijden.”

Onlangs publiceerde Open Doors een rapport waarin stond dat de helft van de christenen in Syrië het land verlaten heeft. Hoe duidt u die halvering?
“Ik zie het als een grote ramp voor Syrië. Hoe meer christenen weggaan, hoe groter de kans dat extremisme kan wortelen. De aanwezigheid van christenen in dorpen en steden zorgt voor een atmosfeer van verdraagzaamheid en tolerantie tussen de islam en het christendom. Ik voorzie nog geen einde aan de exodus van christenen uit Syrië. Niemand kan hen tegenhouden om dit land te verlaten, maar ik en mijn vrouw voelen een roeping om hier te blijven. Een van de redenen waarom mensen nog steeds het land verlaten is, dat alle mannen onder de 42 aan de dienstplicht moeten voldoen. Als ze de kans krijgen, vluchten ze. Vechten willen ze niet.”

In welk opzicht is uw kerk veranderd door de oorlog?
“We zijn veel dichter op de gemeenschap gaan zitten. We doen meer voor de mensen om ons heen. Mijn ervaring is ook dat de kerkgangers sterker overtuigd zijn geraakt van hun geloof in Jezus Christus. Ook heeft de oorlog eenheid tussen kerken gebracht. Misschien nog niet zoveel als we graag zouden zien, maar er is absoluut meer toenadering, begrip en samenwerking dan voor de oorlog.”

Als er nog geen einde komt aan de uittocht, hoe ziet u dan de toekomst van de kerk in Syrië?
“Enerzijds is het beangstigend dat er zoveel christenen vertrekken. Aan de andere kant ben ik ervan overtuigd dat God nog niet klaar is met ons land. Ik zie hoe Hij ons werk zegent en geloof dat Hij het niet zal loslaten. Ik wil ook oproepen tot gebed voor de kerk in Syrië. We hebben het nodig dat christenen over de hele wereld bidden dat het licht zal doorbreken in ons land.”

Open Doors werkt samen met de kerk van pastor Edward om de Syrische christenen en hen die toevlucht zoeken bij de kerk, te helpen met voedsel en andere praktische hulp.

BronOpen Doors