
Het verhaal van pastor Bandiba
Vertrouwde volledig op gebed
Terwijl de dorpen in de omgeving een voor een aangevallen worden door extremisten, blijft het dorp van pastor Bandiba* wonderlijk gespaard. Het dorp verdedigt zich door 24/7 te bidden om bescherming. Tot de extremisten ook hier toeslaan – met pastor Bandiba als doelwit.
Als pastor Bandiba zijn verhaal met ons deelt, spreekt hij niet alleen met woorden. Zijn handen bewegen voortdurend mee, om zijn woorden te onderstrepen. Ook zijn ogen spreken: van vreugde én van een diep verdriet.
Hij vertelt hoe hij in 2002 naar Binadéni kwam, een dorpje in het oosten van Burkina Faso.
De kerk in Binadéni telde op dat moment 47 leden. “Het dorp was moeilijk te bereiken met het evangelie”, vertelt de voorganger. “De dorpsbewoners zaten nog te vast aan hun voorouderlijke tradities.”
Maar de kleine gemeente van pastor Bandiba zette een machtig wapen in: het gebed. Het groepje christenen begon te bidden om vruchtbare grond voor het evangelie. En God gaf zegen op hun gebed: in twintig jaar groeide de gemeente naar zevenhonderd leden. Pastor Bandiba zag vol vreugde toe hoe een nieuwe generatie opgroeide, die actief meehielp in de gemeente. Twee jonge mensen waren hem daarbij erg dierbaar: Hamadou* en Jeremiah*. “Ik kende ze van jongs af aan en zag hoe toegewijd ze waren aan God”, vertelt hij. “Hamadou was onze jeugdwerker en lid van de kerkenraad. Jeremiah was nog jong, maar wilde van Hamadou leren, zodat ze de Heer samen konden dienen.”

Alarmerende berichten
Er waren ook zorgen. Steeds vaker bereikten alarmerende berichten het dorp; berichten over moordpartijen en ontvoeringen door extremisten. Veel dorpen begonnen vrijwilligers te bewapenen om zich te verdedigen. Maar toen het geweld steeds dichter bij Binadéni kwam, besloot de kerk van pastor Bandiba geen zelfverdedigingsgroep op te richten. In plaats daarvan besloten ze de handen te vouwen in gebed en op God te vertrouwen voor hun bescherming.
Elke dag werd er in de kerk gebeden: 24 uur per dag, zeven dagen per week. En terwijl dorpen in de omgeving een voor een aangevallen werden, bleef Binadéni jarenlang wonderlijk gespaard.
De aanval
Tot 20 mei 2025. Op die dag wordt er zoals altijd gebeden, dit keer onder leiding van Hamadou en Jeremiah. Pastor Bandiba bidt even met ze mee en vertrekt vervolgens naar een dorpje in de buurt.
Tien minuten na zijn vertrek arriveert een groep gewapende jihadisten in Binadéni. Ze vragen waar de pastor is en waar hij woont. Dan splitst de groep zich in tweeën. De ene groep zoekt het huis van pastor Bandiba op, steekt het in brand en vernielt zijn spullen. De andere groep trekt naar de kerk.
Ondertussen, tien kilometer verderop, ziet pastor Bandiba mensen uit zijn dorp aankomen. Ze schreeuwen naar anderen dat ze moeten vluchten. De pastor bedenkt zich geen moment en snelt terug naar zijn dorp. Daar zijn de extremisten inmiddels verdwenen, maar in de kerk ziet hij wat ze gedaan hebben. Op de grond liggen de lichamen van Hamadou en Jeremiah. Neergeschoten – in zijn plaats. “Ik had mezelf niet meer onder controle”, vertelt pastor Bandiba over dat moment. “Ik liet me op de grond vallen om bij hen te kunnen zijn. Ik wilde liever sterven dan nog een dag onder ogen te moeten komen. Ze moesten me wegsleuren uit de kerk.”
‘Ik wilde liever sterven dan nog een dag onder ogen te moeten komen’
Worstelen met gevoelens
Een periode van rouw breekt aan. Pastor Bandiba vindt veel troost en steun bij zijn gemeenteleden, maar toch belandt hij in een zware depressie. Ook anderen worstelen met verdriet – en twijfels. Want hoe kon God toestaan dat Hamadou en Jeremiah vermoord werden? En dat nota bene in de kerk, waar ze al die jaren gebeden hadden om bescherming?
Om al die gevoelens een plek te kunnen geven, krijgt pastor Bandiba traumazorg van Open Doors-partners. “Als je zelf niet geneest, kun je anderen ook niet helpen”, vertelt hij daarover. “Door de traumazorg kreeg ik mijn levenslust weer terug. Ik help nu anderen om er weer bovenop te komen.”
Hamadou en Jeremiah blijven ondertussen voortleven in de herinnering van hun gemeenteleden. “Zij mogen nu rusten bij de Heer”, houdt Bandiba hen voor. “Laten deze twee jonge mensen een voorbeeld in geloof voor ons zijn. Ze hebben hun wedloop goed volbracht.”
Ontmoet Hamadou en Jeremiah
Wie waren de jonge mannen die vermoord werden in Bandiba’s kerk? Ontmoet hen door de ogen van hun vrouw en vader.
*=schuilnaam