Soldaten schieten met scherp op demonstranten in Myanmar. In amper twee maanden tijd vielen honderden doden. Het internet ligt plat. De militairen die begin februari de macht overnamen willen nog ten minste twee jaar wachten voordat ze ruimte geven voor nieuwe verkiezingen. Burgers zijn doodsbang en ook christenen voelen zich vogelvrij. Ze leven in gevaarlijke gebieden. Dat is de tragische situatie in Myanmar.  

Doordat internet aan banden is gelegd, verloopt de communicatie met Open Doors-partners in het land moeizaam. Niet alles kan worden gezegd. Als de verbinding soms even tot stand komt, zijn het de angst en onzekerheid die de gesprekken typeren. Lang niet alles kan in woorden worden uitgedrukt, want wie luistert er mee? 

Geweerschoten 

Een christen uit de hoofdstad Yangon, Min Naing*, zegt: “Iedere dag hoor ik vanuit mijn huis geweren knallen en het geluid van granaten, slechts een bushalte bij mij vandaan. In de meeste huizen doen de bewoners hun licht na acht uur ’s avonds niet aan. Niemand maakt geluid. Dit is de situatie waar we ons nu al twee weken lang in bevinden. Soms hoor ik geweerschoten middenin in de nacht. Ook overdag durven we nauwelijks meer naar buiten. Alleen voor de noodzakelijke boodschappen verlaten we soms even ons huis. Ik woon midden in Yangon, zonder enige veiligheid. Alstublieft, bidt voor veiligheid van mij en mijn gezin.” 

Dominee Kyaw* leidt een kleine kerk in een wijk waar de staat van beleg is ingesteld. Hij woont er met zijn vrouw. Vanwege de aanhoudende schotenwisselingen dichtbij zijn kerk liggen alle activiteiten stil. “Mijn vrouw kan al wekenlang niet slapen. Ze doet geen oog dicht. Daarom zijn we gevlucht naar een andere plek. Toen we daar arriveerden, moesten we opnieuw vluchten. Twee dagen waren we onderweg. Het leger was bezig nieuwe soldaten te ronselen.”  

Op dit moment verblijft pastor Kyaw in een dorp zonder internetverbinding. Hij is bezorgd nu hij geen enkel nieuws te horen krijgt. 

Bidstonden 

Velen lopen het risico gedwongen in het leger te moeten vechten tegen hun eigen landgenoten. Open Doors-partner Lwin* zegt: “Er zijn geen soldaten of politie in mijn dorp. Dat geeft ons de ruimte om iedere avond bidstonden te beleggen.” Vorige week kreeg de dorpsoudste het verzoek om dertig mannen uit zijn eigen dorp voor het leger te recruteren. Nu zijn alle gelovigen, inclusief de dominee gevlucht. “Ze houden zich schuil in het bos. Alle erediensten zijn afgeblazen.”  

Lwin en de anderen leven voortdurend onder hoogspanning. De situatie verandert van moment tot moment. Niemands veiligheid kan worden gegarandeerd. Lwin bedankt Open Doors voor de gebedssteun in deze crisis. “We weten niet wanneer het einde in zicht is. Bid alstublieft voor de christenen, dat ze sterk zullen staan in hun geloof. We bidden ook voor onze landgenoten, velen zijn wanhopig. Ons gebed is dat ze de enige, ware en levende God zullen leren kennen.” 

In Myanmar wonen ruim vier miljoen christenen. Het boeddhistische land met 55 miljoen inwoners staat op de achttiende plaats van de Ranglijst Christenvervolging.

*) Namen in deze tekst zijn om veiligheidsredenen gefingeerd.