De oorlog in Soedan – die het vierde jaar ingegaan is – wordt door internationale organisaties omschreven als de grootste humanitaire en vluchtelingencrisis ter wereld. Op dit moment hebben ruim 33,7 miljoen mensen dringend hulp nodig. Enorme groepen mensen zijn op de vlucht geslagen, ook naar buurlanden. In het buitenland zijn omstandigheden zo moeilijk, dat velen overwegen terug te keren naar het door oorlog geteisterde Soedan. Broeder Ebrahiem Al-Sadig*, een kerkleider en vluchteling, vertelt over de oorlog, de invloed op de kerk en over vervolging in Soedan.
“De oorlog geeft hun nieuwe manieren om dit voor elkaar te krijgen.”
Onderwerpen in dit artikel:
- Lijden en zingen
- De strijdende partijen
- Dilemma voor jongemannen
- Hongersnood
- Hoofdstad dor en leeg
- Vrouwen en meisjes meest kwetsbaar
- Hoe gaat het met de kerk in Soedan?
- Ingenomen kerkgebouwen
- Vrede verspreid door het evangelie
- Liefde voor vervolgers
- De grootste humanitaire ramp ter wereld
- Bid mee met Ebrahiem
Lijden en zingen
Kort na het begin van de burgeroorlog in 2023 vluchtten Ebrahiem en zijn familie uit Soedan. De samenleving ziet de Soedanese nationale identiteit als integraal onderdeel van de islam en christenen zijn er al decennialang systematisch vervolgd. De islamitische regering probeert al decennialang de vervolging van christenen in Soedan te legitimeren, vertelt Ebrahiem. “De oorlog geeft hun nieuwe manieren om dit voor elkaar te krijgen.”
Ebrahiem vertelt dat Soedanese christenen gewend zijn aan de moeilijkheden waarmee ze dagelijks te maken krijgen. “De Bijbel zegt dat het een eer is om voor Hem te lijden, dus het is een zegen. En iedereen, overal ter wereld, lijdt op hun eigen manier voor hun geloof.”
Hij is ervan overtuigd dat God werkt in het leven van Soedanese christenen tijdens de oorlog. “Hij reinigt ons. Het brengt ons dichter bij Hem. Het lijden neemt alles weg waar we afhankelijk van zouden kunnen zijn; van mensen, van aardse bezittingen of autoriteiten of wat dan ook. God brengt je dichter bij Hem en we leren Hem steeds beter kennen. De moeilijkheden laten je wonderen zien. Je ervaart vrede, waar je dat niet hoort te hebben. Je hebt hoop, waar geen hoop is.”
Ebrahiem reist regelmatig om Soedanese vluchtelingen te ontmoeten. Hij moet denken aan de vreugde die hij ervaart middenin deze tijd van geweld in de regio. “Als je naar onze kerken gaat zie je hoe mensen lijden, maar ze prijzen nog steeds de Heer. Ze zingen nog steeds luid, ze kunnen zich niet stilhouden. De kerk is de enige plek waar ze blij en gelukkig zijn en vrede ervaren.”
“Als je naar onze kerken gaat zie je hoe mensen lijden, maar ze prijzen nog steeds de Heer.”
De strijdende partijen
Een probleem voor de kerk is dat de strijdende partijen jonge mannen rekruteren om in de oorlog te vechten. Het regeringsleger Sudanese Armed Forces (SAF) en de paramilitaire oppositie Rapid Support Forces (RSF) zijn de belangrijkste tegenstanders in de oorlog. Daarnaast vechten veel kleine milities met een van beide kanten mee. Veel kleinere milities vechten ter ondersteuning van beide partijen. Regelmatig wisselen strijders ook van partij, gestuurd door persoonlijk gewin.
Er is niet veel meer over van het Soedanese leger, dat grotendeels van Arabische afkomst was. Het zijn nu veelal milities die gezamenlijk vechten. Er zijn veel interne conflicten en vaak stappen hooggeplaatste functionarissen binnen de SAF op of worden gedood bij deze interne strijd.
De RSF bestaat uit verschillende inheemse stammen van Afrikaanse afkomst die gezamenlijk vechten, en die verschillen leiden ook weer tot interne problemen. Sommige stammen willen zich ook als militie aansluiten om samen met de SAF op te trekken.
Dilemma voor jongemannen
Veel jongemannen, waaronder ook christenen, gaan bij het leger of werken voor hen, en dat is gevaarlijk. Maar zij zien geen andere mogelijkheid om zichzelf te onderhouden. “In 2025 waren er 75 leden van onze kerk betrokken bij de RSF (Rapid Support Forces). Het gevolg is dat in veel gebieden alleen nog vrouwen en kinderen over zijn.
Als jonge mannen die zich niet bij een strijdende partij hebben aangesloten worden ontdekt, worden ze als spion beschouwd en meteen neergeschoten. Beide partijen doen dit”, legt Ebrahiem uit. “Op internet zijn veel video’s te zien waarin jonge mannen gedwongen worden op de grond te liggen waarna ze neergeschoten worden. Daarom vluchten zoveel jongeren het land uit.”
“Ook zijn daarom veel jonge kerkleden die uit de Nuba-bergen kwamen, weer naar hun geboortegrond gevlucht. Dit is voor hen een moeilijke stap. De Nuba-bergen zijn in handen van de RSF.” Ebrahiem kent een groep uit een kerk in Khartoem, een stad die in handen is van de SAF, die vluchtte naar de Nuba-bergen. “De SAF arresteerde in Khartoem kinderen, ouderen, vrouwen en jongemannen. Als de mannen in de door SAF gecontroleerde gebieden waren gebleven en opgepakt zouden worden, zouden zij neergeschoten worden op basis van beschuldigingen van hulp of spionage voor de RSF.”

Hongersnood
“In Soedan is het leven extreem duur geworden. Op veel plaatsen is er hongersnood omdat mensen geen geld hebben. In Darfur komen geen goederen binnen. Dus zelfs als je daar geld hebt, kun je niets te eten kopen. De winkels zijn leeg. En mensen kunnen de stad niet uit om op het land te werken.”
De officiële cijfers van hongersnood zijn heel hoog. Het zijn vooral vrouwen en kinderen die niets te eten hebben. Veel jonge mannen zijn in de oorlog omgekomen. De helft van de bevolking is ontheemd. Meer dan 40% van bevolking heeft niets te eten. Misschien is er wel voedsel, maar hebben mensen geen geld om het te kopen. Bij de officiële cijfers wordt deze groep niet meegeteld, maar 70% van de bevolking is zo arm.”
“In het noorden is er wel eten, maar hebben mensen geen geld. In het zuiden is er geen eten, zelfs niet als je geld hebt. Het leger staat meestal niet toe dat er goederen en voedsel naar het zuiden gaan. Hulporganisaties mogen geen voedsel naar het zuiden brengen, en volgens de wet in Soedan heeft de regering zeggenschap over alle NGO’s. Organisaties komen erachter dat vrijwel alle noodhulp in beslag wordt genomen door legerleiders en milities, die het dan weer zelf verkopen op de markt. Dit had tot gevolg dat internationale organisaties stopten met hun noodhulp.”
Ebrahiem vertelt iets wat hij met eigen ogen heeft gezien. “Families van 30 of 40 mensen in een kleine kamer. Ze hebben een beetje groente, een pot water en wat zout. Dit is de enige maaltijd voor de hele familie die dag. Zo blijven ze net in leven.”
“We hadden vroeger een groen land en een groene hoofdstad met overal mensen. Het voelt alsof je herinneringen, je jeugd, je vorige leven gewoon weg is…”
Hoofdstad dor en leeg
Eerder dit jaar bezocht Ebrahiem tijdens een korte reis zijn geboorteplaats, de Soedanese hoofdstad Khartoem. “Deze keer vond ik de stad verlaten, dor en leeg, vol doornen. Het was erg triest om het zo te zien. We hadden vroeger een groen land en een groene hoofdstad met overal mensen. Het voelt alsof je herinneringen, je jeugd, je vorige leven gewoon weg is…” Hij ging naar zijn huis. Het was leeggeplunderd en kapot. In de stad vond hij kleine groepjes mensen die bij elkaar woonden en het hoofd boven water probeerden te houden. Dat is vrijwel onmogelijk is een onveilige situatie zonder voorzieningen.
Er zijn niet veel mensen die in Khartoem blijven. Zelfs degenen die blijven plunderen om te overleven, al kunnen ze nergens heen om de gestolen goederen te verkopen. Op straat liep hij langs enkele voorheen grote christelijke kerken in de hoofdstad. “De meeste van de kerken in het stadscentrum zijn vernietigd.”
Vrouwen en meisjes meest kwetsbaar
Omdat helaas mannen op veel plaatsen gedood of gerekruteerd werden voor de gevechten, bleven vrouwen, meisjes en kinderen kwetsbaar achter. “Zelfs in Khartoem is het niet veilig voor vrouwen en meisjes om op straat te zijn vanwege de controleposten, je weet nooit wat er met je zal gebeuren. We hebben veel verhalen gehoord dat zelfs bij controleposten van de RSF of de SAF meisjes worden lastiggevallen”, vertelt Ebrahim.
Verkrachting is een realiteit voor veel vrouwen en meisjes. “Een islamitische militant werd ter dood veroordeeld omdat de hele gemeenschap tegen hem in opstand kwam omdat hij een meisje, nog maar een kind, had verkracht. Ze was 13 of 14 en hij verkrachtte haar. In dit geval kwam de gemeenschap voor het meisje op, maar dat gebeurt in heel veel gevallen niet. Dat is een groot probleem.”
“De VN heeft veel gedocumenteerde verslagen over seksueel geweld in Darfur, in Khartoem, op veel andere plaatsen. Je kunt niet meer zeggen dat er een veilige plek is voor mensen, want het is overal oorlogsgebied. Islamitische troepen zien op basis van hun ideologie vrouwen, zelfs als ze getrouwd zijn, als oorlogsbuit. Ze zeggen ‘omdat ik voor jou vecht, heb jij geen rechten’. Je hebt geen recht om ook maar iets te zeggen alles, om iets te doen, om jezelf te beschermen. Ook als christen heb je binnen de islamitische overtuiging geen rechten.”
De eer- en schaamtecultuur in Soedan maakt het voor veel vrouwen moeilijk om seksueel geweld te melden. Ebrahiem legt uit dat deze dagelijkse realiteit de mogelijkheden om voor hun gezin te zorgen ernstig beperkt. “Ze proberen niet te veel buiten op straat te zijn. Om die reden hebben velen van hen geen baan, ze hebben geen betaald werk. Als je kijkt naar de Soedanese gemeenschap dan vormen vrouwen de meerderheid. Het zijn de vrouwen die hier alles moeten doen, maar dat lukt dus niet. Hoe lossen we deze problemen op? Ik weet niet hoe…”
Ebrahiem maakt zich ook zorgen over Soedanese vrouwen die gevlucht zijn. “Ook buiten Soedan spreken veel rapporten over de uitbuiting van Soedanese vrouwen. Ze kunnen hun gezinnen niet onderhouden of in hun eigen levensonderhoud voorzien. Zelfs in Egypte gaan veel meisjes nu de prostitutie in. Er zijn groepen op sociale media, waar de meisjes worden aangeboden. Veel gezinnen in Egypte zijn daar zonder mannen of er is geen werk voor mannen.”

Hoe gaat het met de kerk in Soedan?
“De kerkleiders die nog in Soedan zijn hebben het heel moeilijk. Ze zien hun gemeenschappen lijden en hebben geen middelen om hen te helpen. Maar kerkleiders die uit Soedan gevlucht zijn hebben het ook zwaar. Ze voelen zich schuldig omdat het voelt alsof ze de geloofsgemeenschap verlaten hebben”, vertelt Ebrahiem.
Kerkleiders gingen vroeger eropuit om te prediken en mensen te bereiken. “Dit is nu heel erg gevaarlijk. Je kunt ervan beschuldigd worden dat je tegen de regering bent. Elke in hun ogen verkeerde actie of keuze heeft heftige gevolgen.”
“De meeste kerkleiders lijden honger. Ze weten niet wat hun volgende maaltijd is, laat staan wat ze de volgende dag te eten hebben. Er zijn Soedanese kerkorganisaties die proberen te helpen, maar omdat kerkleden zelf niets hebben kunnen ze ook hun leiders niet ondersteunen. Iedereen lijdt. De meeste mensen kunnen geen medicijnen meer betalen. Velen kunnen hun kinderen niet naar school sturen. Het is verschrikkelijk moeilijk.”
Ingenomen kerkgebouwen
Er zijn de nodige kerkgebouwen in Soedan. Tijdens de oorlog werden veel christenen verdreven. Omdat degenen die in het land achtergebleven bang zijn om in deze oorlogssituatie bij elkaar te komen, zijn veel kerkgebouwen sinds het begin van de oorlog in april 2023 niet meer gebruikt. Er lopen nu rechtszaken om formeel het eigendom van de kerkelijke eigendommen over te dragen aan de overheid.
“De islamitische regering kan gemakkelijk de controle over bezittingen overnemen door rechterlijke uitspraken. Zij controleren de rechtbanken en de rechters. Ze kunnen vervolging van elke oppositie legaliseren, inclusief de vervolging van de christelijke minderheid in Soedan”, legt Ebrahiem uit.
Onlangs heeft de Soedanese regering acht kerken vernietigd en honderdzestig zijn er al gesloten. “Helaas worden die gebouwen in beslag genomen. Dit gebeurt via wat wij ‘Judassen in de kerk’ noemen. Zo’n kerklid neemt overheidsfunctionarissen de kerk in en geeft hun de benodigde papieren en autoriteit over de gebouwen als de kerkleider niet aanwezig is. Vervolgens worden de gebouwen verkocht met als reden dat ze toch niet in gebruikt waren.” Sommige kerken zijn nu een rechtszaak begonnen tegen deze mensen en de overheid.
“Nu proberen veel christenen terug te keren. Samen met de paar mensen die waren gebleven, proberen ze kerken in Soedan weer in gebruik te nemen. Als dat niet gebeurt, dan is het te laat. Er vinden bijeenkomsten plaats in kerken zonder dak. Er was een paasdienst in een van de oudste kerken van Khartoem, hoewel er niet veel mensen aanwezig waren. Dit is om te laten zien: we zijn er nog steeds en we zullen onze kerken niet verlaten. Kerkelijke gemeenschappen en hun leiders proberen nu kerken schoon te maken en te herstellen om te voorkomen dat ze in beslag worden genomen.”
“Ik ontdekte dat mijn leven was veranderd, dat is een wonder. Ik ben veranderd en leef in vrede.”
Vrede verspreid door het evangelie
Tijdens zijn reizen over het Afrikaanse continent, ziet Ebrahiem de kerk groeien in Oeganda en Egypte. “Ik zie nieuwe bekeerlingen uit nog niet eerder bereikte bevolkingsgroepen. Ik had nog nooit christenen uit deze stammen gezien.” Hij legt uit dat hij christenen met een moslimachtergrond ontmoet die heel open zijn over hun geloof in het nieuwe land waar zij nu wonen. Dat zouden ze in Soedan nooit kunnen doen.
“Veel Soedanese bekeerlingen in vluchtelingenkampen buiten Soedan starten kleine kerkjes. Als mensen christenen worden uit stammen die bekendstaan als moslimstammen dan roept dat vragen op. Mensen stellen hen die vragen. ‘Hoe komt het dat je er zo uitziet, waar komt die vreugde en hoop vandaan? Je bent niet welkom in het land waar je naartoe gevlucht bent en je hebt geen positie. Maar je bent niet terneergeslagen en houdt van andere mensen. Je houdt nog steeds van Soedan en wil het goede voor het land. Hoe komt het dat je blijft lachen?’”
“Ze vragen mij ook waar die vrede in mij vandaan komt. Toen ik erover nadacht realiseerde ik me dat dit niet in mijn aard zit. Ik ben iemand die zich veel zorgen maakt, ik blijf maar malen over zaken. Op dat moment ontdekte ik dat mijn leven was veranderd, dat is een wonder. Ik ben veranderd en leef in vrede. Ik vertrouw op Hem en niet op een of andere positie.”
Liefde voor vervolgers
Ebrahiem kende een Soedanese regeringsfunctionaris die het leven van veel christenen erg moeilijk maakte. “Je kon de haat tegen christenen in zijn ogen zien. Hij had christelijke boeken in zijn kantoor. Hij las die boeken en kon niet begrijpen waarom we zo waren.”
Op een dag stelde deze ambtenaar vragen over de onderlinge liefde aan een van de christenen die hij vast had laten zetten: “Jullie houden van elkaar houden en beschermen elkaar, jullie nemen het voor elkaar op en niemand wil een ander kwaad doen. Niemand verraadt zijn broeder.” Hij vroeg dit omdat er in die tijd gelovigen van allerlei verschillende bevolkingsgroepen in kerken bij elkaar kwamen.
De opgepakte christen zei tegen de regeringsfunctionaris: “Dit komt alleen door de liefde van Christus. Hij houdt ons bij elkaar. Wij hebben niets met elkaar gemeen; we hebben niet samen gestudeerd aan de universiteit, we hebben niet dezelfde achtergrond. Alleen Jezus houdt ons bijeen.” De functionaris reageerde: “Nee, dit is niet Jezus. Jullie zijn goed getrainde spionnen, en ze betalen jullie heel goed. Dit is de het enige wat jullie bij elkaar houdt. Het is geld en goede training.”
‘Hierdoor zullen allen inzien dat u Mijn discipelen bent; als u liefde onder elkaar hebt.’
Johannes 13:35
Ebrahiem zelf werd de afgelopen decennia ook ondervraagd door overheidsfunctionarissen. “Ik zat, om eerlijk te zijn, vol haat tegen een bepaalde man.” Hij vertelt dat hij ooit in een donkere straat de kans had om een van deze functionarissen te doden en daarmee ook weg kon komen. “De verleiding was groot om hem van achteren neer te slaan en in het donker achter te laten. Om eerlijk te zijn, ik ben geen goede christen. Toen ontdekte ik hoeveel haat ik heb voor de vervolgers in mijn leven, en dit is niet wat God van ons vraagt.”
“Op een dag realiseerde ik me dat zo’n overheidsfunctionaris een Paulus kan worden. Deze vervolgers kunnen op een dag als Paulus worden en rondtrekken om te prediken. Dat hielp mij om mensen die ons vervolgen niet te haten en mij te realiseren hoe krachtig de genade van God is. Vanaf dat moment ben ik gestopt hen te haten. Als ik nu een beveiligingsofficier zie, zie ik Paulus in hem. Op een dag is hij misschien wel de grootste prediker en zendeling van Soedan.”
De grootste humanitaire ramp ter wereld
De Verenigde Naties waarschuwen dat Soedan geconfronteerd wordt met de grootste humanitaire ramp en vluchtelingencrisis ter wereld. Het conflict gaat alweer het vierde jaar in. Op dit moment hebben ruim 33,7 miljoen mensen dringend hulp nodig. Aanhoudend geweld, systematische tegenwerking van hulp en een infrastructuur die in puin ligt veroorzaken een land in chaos en ongekend lijden.
De honger heeft historisch extreme niveaus bereikt: bijna 19,5 miljoen mensen – ongeveer twee op de vijf Soedanezen – hebben te maken met een ernstig voedseltekort. Van hen verkeren ruim vijf miljoen mensen in een acute noodsituatie en voor ongeveer 135.000 mensen is de situatie catastrofaal. Veertien gebieden, met name in Darfur en Zuid-Kordofan staan op de rand van complete hongersnood. Kinderen zijn bijzonder kwetsbaar. Naar schatting 825.000 kinderen onder de vijf jaar lijden aan ernstige ondervoeding, met levensbedreigende gevolgen.
Dee oorlog in Soedan heeft ook een gigantische vluchtelingencrisis als gevolg. Ongeveer veertien miljoen mensen zijn uit hun huizen verdreven. Onder hen zijn ruim 9,1 miljoen ontheemden binnen Soedan en meer dan 4,5 miljoen die zijn gevlucht naar buurlanden zoals Tsjaad, Zuid-Soedan en Egypte. Door verschuivende frontlinies probeerden 2,2 tot 3 miljoen mensen weer terug te keren naar stedelijke gebieden zoals Khartoem. De meesten vinden echter lege gemeenschappen, zonder functionerende basisvoorzieningen, zonder voedsel, zonder basisgezondheidszorg.
Hoeveel levens er door deze oorlog al te betreuren zijn, valt moeilijk te meten vanwege beperkte toegang tot de strijdgebieden en minimale communicatie. De VN heeft massamoorden gedocumenteerd, waaronder minstens 6.000 doden alleen al in El Fasher met bewijs van massagraven. Meer dan duizend burgers zijn in 2026 al omgekomen bij drone-aanvallen. De verwachting is dat het werkelijke aantal doden de officiële tellingen ruimschoots overtreft. Huidige officiële cijfers spreken over tienduizenden doden, maar het lijkt reëler om uit te gaan van tenminste 150.000 doden door oorlog, hongersnood en ziekte. En waarschijnlijk is dat nog een veel te conservatief aantal.
Ook de al kwetsbare gezondheidszorg in het land lag en ligt onder vuur: 755 faciliteiten zijn al doelwit geweest. Naar schatting functioneert meer dan 70% van de gezondheidsfaciliteiten niet meer. Ziektes die voorkomen kunnen worden, zoals cholera, steken de kop weer op in het land en eisen vele slachtoffers.
De verschrikkelijke combinatie van wijdverspreid geweld, extreme honger en enorme aantallen mensen op de vlucht heeft een vernietigend effect op het land Soedan. Bij het uitblijven van grootschalige (externe) interventies zal het land nog verder wegzinken in ellende.
Soedan staat op plek 4 van de Ranglijst Christenvervolging.
Bid mee met Ebrahiem
Ebrahiem vraagt ons om het volgende te bidden:
- Vraag God om Zijn wil te laten gebeuren.
- Bid dat Gods Woord zich door Soedan verspreid.
- Als je bidt om vrede, bid dan om vrede in de harten van de mensen.
- Vraag of mensen zich bewust mogen worden dat het kwaad, de haat en vernietiging waarin ze de laatste 40 jaar hebben geleefd het gevolg is van hun oude manier van denken.
- Bid voor de islamitische beweging, dat ze wakker mogen worden.
- Bid voor de kerk in Soedan, dat het zijn rol oppakt om het zout en licht te zijn in deze duisternis.
- Bid dat de christenen de fysieke middelen ontvangen die hen helpen om te overleven, zodat ze Gods Woord kunnen verspreiden.
- Vraag of de kerken zelfvoorzienend mogen worden, zodat ze de gemeenschap kunnen dienen en niet afhankelijk zijn van hulpfondsen.
- Bid dat de vervolgende leiders Paulussen worden en het evangelie gaan delen.
- Bid om bescherming voor de harten van de Soedanese christenen, dat ze gegrondvest blijven in Hem en weg blijven bij de duisternis.
(* Schuilnaam)
Soedan
Soedan staat op plek 4 van de Ranglijst Christenvervolging van Open Doors.
Inspiratiemail
Wil je ook graag via de e-mail op de hoogte gehouden worden van komende Open Doors-evenementen en nieuws uit de vervolgde kerk? Schrijf je in en ontvang elke maand de inspiratiemail van Open Doors.

