Het is een maand geleden dat Kabul in handen van de taliban is gevallen. De camera’s die het wereldnieuws registreerden zijn weer ingepakt. Journalisten zijn vertrokken. De taliban hebben de touwtjes stevig in handen. Wat betekent dit voor de kerk in dat land?

Officieel is er geen christelijke kerk in Afghanistan. Het laatste kerkgebouw werd meer dan 50 jaar geleden verwoest. Er zijn weinig christenen. Naar schatting gaat het om enkele duizenden Afghanen. Het is bijzonder moeilijk en voor hen niet zonder gevaar om in contact te treden met internationale organisaties. In de ogen van de taliban ben je dan direct verdacht.

Wordt er op hen gejaagd? Ja, christenen zijn een doelwit. De taliban gaan van deur tot deur om te onderzoeken of de bewoners wel goede moslims zijn naar de maatstaven van de taliban. Christenen worden niet alleen beschouwd als slechte moslims, maar ook als afvalligen van het ware geloof: de islam. Als dat in de openbaarheid komt, betekent het dat je je leven niet zeker bent in Afghanistan. Sharifullah, een Afghaanse christen, zegt: ”De taliban vernietigen onze ziel en onze geest. Ze hebben geen geweer nodig om ons de pijn te laten voelen. De taliban vernietigen alles wat mooi is in het leven. Ze vermoorden op die manier de zielen van onze kinderen.”

Het is een misverstand te menen dat het de laatste twintig jaar beter is gegaan met de kerk in Afghanistan. Dat de kerk is gegroeid is zeker, maar daarmee is het er niet veiliger op geworden. Voor de machtsovername door de taliban was het al dramatisch slecht gesteld met christenen in dit land. In de laatste twintig jaar is het land gestegen op de Ranglijst Christenvervolging naar de tweede plaats. Alleen in Noord-Korea is het nog gevaarlijker om christen te zijn.

Zijn christenen bang? Absoluut! Ze proberen hun geloof te verbergen. Ze vragen zich af: “Hoeveel weten de taliban over mij? Hoeveel weten mijn buren? Zouden ze mij verraden?” Ondanks de moeilijkheden zijn Sharifullah en zijn christelijke vrienden vastberaden om hun geloof niet op te geven. Hij herinnert zich de woorden van zijn moeder die hem vertelde: “Jezus is tot ons gekomen door dromen. Hij heeft in het verborgene tot ons gesproken. Dat is een deur die geopend is, en die nooit meer gesloten kan worden.”

Met ons gebed kunnen wij Sharifullah en andere Afghaanse christenen ondersteunen. Bid voor hun veiligheid en bescherming. Bid dat ze zich in deze moeilijke omstandigheden aan de Here Jezus kunnen blijven toevertrouwen. Bid dat ze de moed zullen hebben om Hem na te volgen, wat er ook gebeurt. Ons gebed is een machtig wapen, krachtiger dan de wapens van de taliban!

Copyright foto: IMB.ORG