Toen de stad Kabul half augustus werd ingenomen door de taliban, werd in de christelijke gemeenschap in Afghanistan een klein meisje geboren. De lokale kerk heeft dat ervaren als een teken van hoop. De Here God had hen niet vergeten. Hij gaf nieuw leven, juist op die zwarte dag.

Een van de lokale gelovigen schrijft aan Open Doors: “God zal Zijn aanwezigheid in dit land niet terugtrekken. Als jullie niet voor ons hadden gebeden, dan zouden we hier allang niet meer zijn. Maar we zijn er nog, en we blijven in dit land om een zoutend zout en een lichtend licht te zijn.”

Maar de kleine christelijke gemeenschap in Afghanistan staat zwaar onder druk. De taliban gaan nu al van deur tot deur. Ze zoeken iedereen die contact had met het Westen of banden heeft met het christelijk geloof. “Het is een schande om de islam te verlaten. Op bekering tot het christelijk geloof staat de doodsstraf. Als publiek bekend wordt dat je de islam hebt verlaten, zijn de gevolgen afschrikwekkend: je moet het land verlaten of je wordt vermoord.”

Al jarenlang staat Afghanistan op de tweede plaats van de Ranglijst Christenvervolging. Het is een van de allermoeilijkste landen ter wereld om als christen te leven.

Vrouwen

Vrouwen hebben het extra zwaar. Toen de taliban twintig jaar geleden de dienst uitmaakten, werd meisjes en vrouwen verboden naar school te gaan of buitenshuis te werken. Verder studeren was onmogelijk. Ze kregen allerlei beperkingen opgelegd. Nu de taliban de macht opnieuw in handen hebben, vrezen Afghaanse vrouwen voor hun toekomst en die van hun kinderen.

Eenzame opsluiting in huis is onzichtbaar en dus een aanvaard middel om een bekeerde vrouw extra onder druk te zetten. Ook is er de dreiging om van haar te scheiden. Vrouwen worden verkocht voor de prostitutie, zwaar mishandeld of seksueel misbruikt.

Afghaanse vrouwen doen vaak geen aangifte bij de politie omdat ze bang zijn voor de gevolgen en het stigma dat aan hen zal kleven. Bovendien hebben ze weinig vertrouwen dat een officiële aangifte zal leiden tot een eerlijke rechtsgang.

Vluchtelingen

De machtsovername door de taliban heeft een enorme vluchtelingenstroom op gang gebracht. Sommige christenen blijven, andere ontvluchten het land. Evenals veel moslims. Wanhopige vluchtelingen verspreiden zich door de hele regio en daarbuiten. Ze komen ook Nederland binnen. De kerk in Afghanistan probeert onvoorwaardelijke steun en hoop te geven aan iedereen in nood. “Want God is ons niet vergeten”, horen we uit Afghanistan, en: “Blijf alsjeblieft voor ons bidden!”

Gebedspunten

  • Bid voor vrouwen en meisjes in Afghanistan die zwaar onder druk staan.
  • Dank de Here God voor de gave van nieuw leven en voor hoop die niet kan worden gestopt door onrecht of door nieuwe overheden.
  • Bid voor vertrouwen dat de Here God in alle omstandigheden Zijn wil uitvoert en bid om bescherming en kracht voor de christelijke bevolking van Afghanistan in deze zware periode van verzoeking en vervolging.
  • Bid dat de Here God de harten van koningen en heersers aanraakt en moed geeft aan internationale leiders om op te staan voor de meest kwetsbaren, in het bijzonder voor de vrouwen en meisjes in dit land.
  • Bid voor de vele (nieuwe) vluchtelingen en hun veiligheid.
  • Bid voor mensen die in de frontlinie werken en anderen helpen. Dat vraagt een hoge prijs en brengt veel risico’s met zich mee.
  • Bid om nieuwe hoop voor Afghanistan.

Copyright foto: IMB.ORG